
Beeld: Mama Luca (Agnes Licht), waar woorden en wol inspireren
Zet het blauw
van de zee
tegen het
blauw van de
hemel veeg
er het wit
van een zeil
in en de
wind steekt op
Wim Hussem (1900-1974), Steltlopen op zee (1961)
_____
Opm.
Het kunstwerk van Mama Luca had mij al eens eerder getroffen – ik weet niet meer waarom, of hoe, of wat. Het gedichtje van Wim Hussem ken ik ook al heel lang, misschien kwam ik dat eens tegen als muurgedicht. Pas vanochtend kwam ik erachter dat Mama Luca, die eigenlijk Agnes Licht heet, het gedicht van Hussem als inspiratiebron voor haar ‘beeld’ had gebruikt. Op haar website legt ze uit hoe dat zit, maar daar gaat het mij nu niet om.
Van Hussem weet ik niks, dacht ik. Afgezien van een plintpostertekst van hem die ik jarenlang ter bemoediging van mijzelf en ter uitnodiging van mijn leerlingen in mijn lokaal had hangen (Wat weet ik van de vogel | als ik zijn zingen niet versta) was dat inderdaad echt niet veel. Maar, alweer vanochtend, kwam ik erachter dat ik al veel van zijn werk had gezien. Dat zit zo.
In de jaren ’70 struinde ik antiquariaten af. Als ik een deeltje tegenkwam van Meesters der Vertelkunst, van Meulenhoff, kon ik dat niet laten liggen. Zo kreeg ik toegang tot de hele wereldliteratuur. Gretigheid, dat was het. De omslagjes herkende ik meteen: die getuigden van eenzelfde signatuur, herkenbaar als van één hand en toch precies passend bij het land van herkomst van die verzamelde verhalen, Chinees, Jiddisch, Hongaars, Iers. Enzovoorts, meer dan twintig. Die boekomslagen waren van Wim Hussem. Natuurlijk ging het me om de inhoud, maar die minimalistische stijl verbond alles. En daarmee voelde ik mij weer verbonden, als in een geheimzinnig verband. De reeks stuwde mij als het ware voort de verhalen van de mensheid te leren kennen. Die gaf wind in mijn bollende zeilen.
Vanochtend zocht ik een beeld voor ‘inspiratie’. Vandaar Hussem. Van Hussem naar Mama Luca. Die hoorden al bij elkaar. Dat is geluk. Waar komt die wind vandaan?











