Groet

,

Chris van Geel (1917-1974) en Nescio (1882-1961) , augustus 1952 | foto Hanny Rädecker

WOLKEN

De wolken zijn gewichten,

enorme waterketels.

Wie tilt ze om te wegen?

’t Heelal een waag. Een waag?

Wie vult ze, vat de hengsels

om water aan te geven?

de tuit een hals, een zwaan?

Wie voert ze door het blauw?

Chr. Van Geel, Spinroc en andere verzen, 1958

_____

Opm.

Ik rijd nogal graag eens langs de Hollandse duinenrij. Vanuit het noorden komend passeer je na Petten de Hondsbossche Zeewering. Die strook duinen is maar smal en ’t ging vaak genoeg mis – ’t is een wonder dat het al zo lang goed gaat en Holland nog bestaat.

Na de Hondsbossche kom je door Camperduin, wat niks is, en daarna Groet, wat eigenlijk ook niks is. Maar: Chris van Geel woonde daar en aan hem moet ik dan altijd even denken, of beter, aan zijn gedichten. Zijn huis aan de Achterweg brandde in 1972 af; twee jaar daarna stierf hij. Ik heb nooit de behoefte gevoeld die plek eens op te zoeken. Van Geel leeft voor mij in zijn natuurgedichten.

De foto toont Van Geel samen met Nescio, die de zomervakantie vaak met zijn gezin in Groet doorbracht. Van Geel had toen nog geen enkele bundel gepubliceerd, Nescio ’s werk was alleen nog in kleine kring bekend. Ze konden het uitstekend met elkaar vinden.

Niet op de foto: de wolken.

Plaats een reactie