
Het Boek der Natuur | Foto Ansjelly van Veen
De natuur is geen boek. Er bestaat geen pagina die je even kunt raadplegen om oplossingen te vinden voor de problemen van de dag. De natuur wijs? De natuur doet niet aan goed of slecht. Ook niet aan mooi of lelijk trouwens.
Omgekeerd is een boek evenmin natuur, hoe levendig de vogeltjes ook kwinkeleren. In een gedichtje ‘de natuur willen vangen’ is gekkenwerk. Als de haiku van de afgelopen zeven dagen al iets over de natuur te zeggen hadden dan hooguit over mijn natuur. De hemelbewaarje! Dit is geen aanbeveling. De natuur is een kouwe kermis.
Nu ik toch over de hemel begon, ik bedoelde geenszins het metafysische begrip waar sommigen hun heil in stellen. Van geloven weet ik niks. Opstijgen doet de vogel met zijn vleugels, als het geen loopvogel is tenminste, en dan komt er ook nog heel wat aerodynamica bij te pas.
Hoe aards ook, ‘Hemelsblauw’ heeft evenmin een Ral-nummer. Dan blijf je bezig. En de volgende reeks moet dan zeker ‘Heelalzwart’ heten, om het evenwicht te bewaren? Zeker, er is meer tussen hemel en aarde . . . maar ik weet niet wat. Daarom ga ik maar. En kijk.
‘Iedere dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad’, luidt een zegswijze. Wie de krant leest weet dit. ‘Schoonheid is niet pluis’, een andere. Wie cosmetische adviezen volgt, jaagt de wind achterna. De wanen van de dag zijn zeer vermoeiend.
Daarom sla ik liever de echte wind gade, de vogels die daarin wieken en wentelen, fladderen en tuimelen, zwermen of schroeven, nu eens op weg zijn naar een precieze bestemming, dan weer zichzelf in het zonnetje zitten te poetsen. Nu eens zwijgen, dan weer voor zich uit fluiten. En daarom, zo min als een vogel dat fluiten laten kan:
Spreeuwenspikkeltjes –
in hun heelalzwarte kleed:
spreeuwenspikkeltjes

Spreeuw | foto Adri de Groot
Plaats een reactie