
Pablo Picasso (1881-1973): idee van een duif
Op het terrein van de symbolen staat een kouwe kermis. Symbolen lijden een schijnbestaan en als je dat voor de werkelijke wereld houdt belandt je vroeg of laat in je blote kont op de kouwe keien. Neem die duif die Picasso in 1949 creëerde: heeft die vrede gebracht soms? Vanaf dat-ie nog een jongetje was heeft Picasso duiven getekend, honderden moeten er daarvan bewaard zijn gebleven. Nou kun je wel beweren dat-ie dat niet onverdienstelijk deed, vliegen doen die vogels niet. Dat een van die duiven op een poster voor het eerste Wereldvredescongres te Parijs terecht kwam is een toevallige samenloop van omstandigheden. Dat die duif vrede in de wereld zou brengen was een vrome veronderstelling. Nu heb ik in het geheel niets tegen wereldvredescongressen. En al helemaal niets tegen duiven. Maar als je ze natekent, of schildert, of macrameet, heb je een nagetekende of geschilderde of gemacrameede duif. Als je er van houdt doen die het goed aan de wand. Desnoods van een museum.
Voor de echte duiven hoef je nooit ver te zoeken. De houtduif is een van eerste vogels die ik ’s ochtends op het balkon hoor. De fagot van het ochtendorkest: roe-koe-koe-roe-koe! Precies dat. Nooit eens ‘roe-koe-koe-roe-koe’. Of roe-koe-koe-roe-koe.’ En altijd precies tot vijf geteld, nooit eens vier of zes.
Als je er op gaat letten hoor je meteen of je met een houtduif, een holenduif, een Turkse tortel, een zomertortel of een ‘stadsduif’ van doen hebt. Stadsduiven bijvoorbeeld koeren maar een eind heen. Ze hebben wel een gevoel voor ritme maar waar het liedje eindigt is altijd onbestemd. Of het interesseert ze gewoon niet, kunnen ze niet tellen. Of ze hebben het gewoon te druk met seks, want daar draait het bij duiven de hele dag om. Dat denken sommige mensen tenminste, maar ja, sommige mensen denken ook de hele dag aan seks. Wie heeft er dan een obsessie?
De kwestie is dat wij eigenlijk maar heel erg weinig van duiven weten. Misschien weten zij wel meer van ons. Op enig moment in de eindeloze evolutie zijn zij ons gaan volgen, cultuurvolgers bij uitstek. Gelet op hun aantallen gebeurde dat met succes, wat verwonderlijk is want de menselijke samenleving strekt zelden tot aanbeveling. Met al die ruzies en oorlogen enzo.
Nu had ik mij vanochtend wel graag overgegeven aan een bespiegeling over die echte duiven maar de gebeurtenissen hier te stede vragen aandacht. Ook al is mijn bijdrage aan World Pride Amsterdam en de Canal Parade van vanmiddag maar op afstand – wat toch wezenlijk iets anders is dan afstandelijk – over het gekozen symbool van de LHBTIQ+ gemeenschap toch nog een woordje. Een regenboog? Een regenboogvlag? Als dat maar goed begrepen wordt. Over vlaggen maak ik mij weinig illusies.
Picasso heeft eens duif en regenboog in een machtige schildering samen gebracht en het resultaat mag getoond:

Pablo Picasso: Vliegende duif in de regenboog (1952)
’t Ding zal het goed doen aan menige huiskamer- of museumwand maar ik heb het klapwiekende vermoeden dat die regenboog net zo veel gaat bijdragen aan ons begrip van de menselijke seksualiteit als dat die vredesduif uit 1949 ons inzicht gaf in vraagstukken van oorlog en vrede. Over de mens als heel wezen weten wij misschien nog wel minder dan van de duiven.
Vrede zij met allen! En een hemels seksleven!
Plaats een reactie