
The Sandwalk achter Down House, Kent, waar Darwin [1809-1882] vanaf 1842 woonde en werkte aan On the Origin of Species (1859)
Er is veel gezegd en geschreven over het vraagstuk waarom Charles Darwin zo lang aarzelde om zijn lumineuze idee over het ontstaan van de soorten wereldkundig te maken. Ik heb niet doorgeleerd in de biologie en ben ook al geen historicus. Daarover doe ik dus het zwijgen toe.
In On the Origin of Species (1859) legt hij een fundamenteel principe van de wetenschap uit, dat van de falsificatie: ‘weerleg dat idee maar, wel met argumenten graag!’ Zijn theorie, schrijft hij in dat boek, zou niet overeind blijven als iemand een voorbeeld kon aandragen dat niet ontstaan zou kunnen door talloze, opeenvolgende, geringe modificaties. Alles was voorlopig.
Met de koekoek had hij een serieus probleem. Dat een pas uit het ei gekropen koekoeksjong, kaal en blind nog, en onwetend van zijn anders-zijn, zijn koekoeksleven ogenblikkelijk aanvangt met het vermoorden van zijn pleegbroertjes en -zusjes, vond Darwin ook maar een vreemd en afschuwelijk instinct. Was dat niet ronduit wreed, het werk van de duivel?
Dat er inmiddels een overvloed aan bewijs is aangedragen dat parasitisme én de ook via de voorouders overgedragen moordneigingen van het koekoeksjong al in ‘het normale gezinsleven’ aanwezig was, ga ik niet demonstreren. Lees de studie van Nick Davies er maar op na, ik ben geen bioloog, et cetera. Maar over wreedheid nog dit.
Toen Darwin in 1842 het huis in Down betrok met zijn vrouw en toevallig ook zijn nicht, Emma Wedgwood, was hun dochter Annie net geboren. Darwin vermoedde dat de nauwe familierelatie oorzaak kon zijn van de ernstige ziektes en zwakten waarmee een aantal van hun kinderen kampte. Annie stierf in 1851.
Darwin ’s achter-achterkleinzoon beschrijft wat dat voor beide echtelieden betekende (Randal Keynes, Annie’s Box, 2001). Zijn zeer gelovige vrouw zocht troost in de kerk en zij zou zijn theorie nooit kunnen aanvaarden. Daarin kwam het woord God niet voor, laat staan de woorden troost of genade. Emma had evenwel geen argument, zij geloofde. Darwin kon geen hogere bedoeling achter het sterven van zijn lievelingsdochter zien. Hij werd agnost. Maar hij wilde ook voorkomen zijn vrouw te kwetsen.
De huiselijke situatie moet na Annie’s overlijden in 1851 in Down nogal ongemakkelijk zijn geweest. Nu had Darwin achter het huis een ‘denkpad’ aangelegd, the Sand-walk. Na twaalven verliet hij zijn werkkamer en dacht daar heen en neer gaand na over waar zijn onderzoekend denken hem had gebracht. Zijn dagelijkse routine leek op die van Immanuel Kant. Het pad lag afgelegen. Er was een Lichte Kant, waar je slechts bos en weilanden zag, en een Donkere Kant: een met mos begroeid pad onder oude bomen.
Wij bezochten Down House zo’n twintig jaar geleden. Andere bezoekers waren er toen merkwaardigerwijs niet en om onverklaarbare redenen ontbrak ook toezicht. De atmosfeer van het Victoriaanse Tijdperk kon ongehinderd in ons nederdalen terwijl wij daar ongestoord ronddwaalden. Dat was me een tijd! Het Britse Imperium groeide nog immer groter maar de regels van de moraal konden op een hoekje van een postzegel.
Het was in zijn stille werkkamer waar mijn ontzag voor Darwin ’s denkkracht ontvlamde. Ik kon mij niet bedwingen zijn bureau aan te raken, eventjes maar. Maar nog ontzagwekkender: dat zandpaadje. Oude bomen stonden er nog steeds. Nog ouder was de wind die vanaf de dalen aan kwam waaien. Eeuwen oud. Millennia. Era’s.
Hier heeft Darwin wreedheid in de bek gekeken, dacht ik maar, terwijl wij onder die bomen voortliepen. ‘Voorlopig’ – omdat nu eenmaal alles in de wetenschap voorlopig is – heeft zijn theorie veel licht op processen in de natuur geworpen. Aangaande de wreedheid verkeren wij nog erg in de Donkere Kant.
Plaats een reactie