Moraal


Kleine karekiet voert koekoeksjong (in juni) | foto Paul Verduin / Vroege vogels

Sommige wereldleiders denken overal mee weg te komen, wat we daar moreel ook van vinden en hoe hard we ook proberen internationaal rechtelijk een veilige wereld voor iedereen mogelijk te maken. Dat is een verdrietige zaak. Nee, ik heb het niet over de prijzen aan de pomp.

Met hetzelfde fanatisme waarmee criticasters beweren ‘dat de wereld en het leven zo niet bedoeld zijn’ (door God, JHWH, of Allah, of een ander etherisch wezen, de geschiedenis, of de natuur) houden lieden als Trump, Netanyahu, Poetin, Xi Jinping – de lijst is eindeloos –  staande dat dat nu juist de heilige bedoeling is (van God, of JHWH, of Allah, of een ander etherisch wezen, de geschiedenis, of de natuur). Ga daar maar eens tussen staan.

Ja ja, in de natuur kan het er wreed aan toe gaan. Valt daar iets van te leren?  Utilitaristisme is de stomste reden waarom wij vaker en beter naar de natuur zouden moeten kijken: ‘hier geldt het recht van de sterkste’ is met selectieve voorbeelden gauw ‘bewezen’. Sacrale teksten waarmee Supermangedrag vervolgens wordt gelegitimeerd en aanbevolen zijn ook gauw gevonden. In (zelf)bedrog vindt de menselijke soort maar moeilijk een gelijke onder de levende wezens.

Het bedriegerstalent van de koekoek intrigeert sedert de Oudheid. Aristoteles registreerde al dat koekoeken niet zelf hun jong grootbrengen; mensen die na hem beweerden dat de Schepper alles zo volmaakt had gemaakt kregen een harde noot te kraken: en de koekoek dan? Welke moeder bedriegt de gastouders, laat haar kinderen gewetenloos aan hun lot over, vertrekt met de Zuiderzon? Van welk kind wordt getolereerd dat de eerste levensdaad is het uitmoorden van pleegbroertjes, – zusjes? En daaropvolgend het genadeloos uitvreten van de pleegouders?

Als je de geweldige studie van Nick Davies (Cuckoo, Cheating by nature (2015), vertaald als De koekoek, Atlas/contact-vogelserie, Amsterdam 2016) erop naslaat, kunnen wereldleiders van bedriegerstrategieën van de koekoek nog heel wat opsteken. In moreel opzicht strekt het gedrag van de koekoek bezwaarlijk tot voorbeeld. Maar hij komt ermee weg! Op raadselachtige wijze ‘loont’ broedparasitisme, al sinds mensenheugenis en vermoedelijk al veel langer.

Ik heb de karekieten al weer bezig gezien in het riet hun kunstige nesten te weven. Gisteren hoorde ik weer de koekoek. De bazuin van bedrog. De komende weken zullen karekiet en koekoek er beide weer alles aan doen om dit broedseizoen te overleven en nageslacht voort te brengen.

Ik zal het gadeslaan, niet om van de listen en lagen van de koekoek te leren, of de naïveteit van de karekiet te doorgronden. Maar om maar weer eens geconfronteerd te worden met de wankele grond van mijn eigen moraal. Wankel? Jazeker, want als ik hierboven al woorden in de mond neem als gewetenloos en genadeloos, geeft mij dat dan enig  recht om dat vogelgeslacht maar uit te roeien?

Plaats een reactie