de taal van wolken en bomen

,

De Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) koos dit jaar voor het thema Je moerstaal. Nu is taal zeg maar echt mijn ding, om het in het Paulien Cornelisses te zeggen, dus ik aan het zoeken naar excuses om naar de boekhandel te mogen gaan om dat essay te bemachtigen dat Cornelisse in het kader van de Boekenweek schreef: hè hè; over wat we zeggen zonder dat we het doorhebben. Ik had het in een uurtje uit. Dit is geen kwalitatieve beoordeling want het essay is rijk aan hilarische maar vooral liefdevolle observaties van alledaags taalgebruik. De kern: met woordjes als hè hè vertellen we veel meer over onszelf dan in de boodschap waarin we die woordjes frommelen, zonder daar erg in te hebben.

Hoe misleidend taal kan zijn moet inmiddels toch wel iedereen zijn gaan dagen die zich eens ernstig afvroeg wat ‘Hoop’ nu precies betekent in de drieslag Hoop, Lef en Trots. De verantwoordelijk politici zullen er inmiddels ook wel achter zijn: dat is niet veel meer dan op een hoop gegooide mooie beloften van eigenbelangetjes. Het huidige rollebollen om besluiteloosheid te maskeren is daar een regelrecht gevolg van. Een volgende keer over de woordjes lef en trots.

Ik heb mij plechtig voorgenomen niet als misantroop door dit leven te gaan dus ik zal ook de CPNB maar niet fileren op het ‘catchy’ thema ‘Je moerstaal’. Allicht moet de kachel roken. Nou, ik heb gisteren in de boekhandel mijn best wel weer gedaan. Boeken zijn zeg maar echt mijn ding. En met de verrassende invallen van Paulien Cornelisse kan ik weer jaren vooruit, vooral met haar houding van je laten verrassen. Wat zit er ónder taal?

Wat mensen beweegt is zelden eenduidig. Wat groepen van mensen beweegt is nog veelduidiger. Waarom de CPNB koos voor een Boekenweekgedicht van een van oorsprong helemaal niet Nederlands sprekende dichter is daarom giswerk. Geen beginnen aan. Maar o, wat kun je soms op mooie dingen stuiten, verrast worden, als je niet precies je reisdoel bepaald hebt en nog niet weet waarheen je eigenlijk beweegt. Wie van te voren al wat vindt, heeft slecht gezocht, zegt Kopland daarover. Omdat ‘de natuur’ zeg maar echt mijn ding is citeer ik hier het hele gedicht:

in welke taal zal ik je woorden geven
zodat we elkaar opnieuw kunnen vinden
in welke blik, welke stilte
gaan we elkaar weer verstaan?

in welke regel moet ik het stotteren van de zon uitleggen
laag na laag, wolk na wolk
als we van elkaar slechts schaduwen herkennen

in welke taal kan ik je omarmen
zodat je blijft
in welke taal moet ik de zee oproepen, naar de bladeren luisteren
in de spiegels van rivieren
of met de oren van rotsen?

zie je, om begrepen te worden
heb ik mijn taal achter de bergen gelaten
mijn accent aan de golven geknoopt
de taal van bomen en wolken geleerd
de taal van treinen en seconden

en mijn taal klopt sterker dan mijn hart
grijpt vaster dan mijn handen
gaat verder dan mijn voeten
en brengt jou dichterbij

Sholeh Rezazadeh (Tabriz, Iran (1989))

Plaats een reactie