Kemphaan


Het Vogeljaar, jg 8 nr 2, mei 1960; de omslag is van Henk Slijper

I

In de wereld van vogelaars kent iedereen vermoedelijk de naam van Henk Slijper (1922-2007). Zijn werk pronkte meer dan dertig keer als omslag voor Het vogeljaar (1953-2022) en dat vogeltijdschrift is vermoedelijk ook veel vogelaars ook niet onbekend.  De titel van het blad zal in elk geval die van Jac. P. Thijsse’s Het vogeljaar (1903) oproepen, het eerste boek over vogels in Nederland voor een groot publiek.

Maar mij gaat het nu even om de kemphaan. Het zou me niks verbazen als mensen die niet anders kennen dan uit de uitdrukking ze vochten als kemphanen. En de herkomst daarvan zegt hen dan vermoedelijk net zoveel als iemand een loer draaien.

Het zijn, vermoedelijk, niet alleen de toegenomen mogelijkheden in de fotografie maar ook de veranderde eisen van ’t publiek dat we nu iets anders van vogelkiekjes verwachten. Dit bijvoorbeeld:

Kemphaan (♂) | foto Natuurmonumenten

II

Ik heb een beeld: in mijn vroege jeugd mocht ik met mijn vader de polder in als hij zijn klanten bezocht, ik zie mijzelf weer voorin het DAF-je zitten. We hebben het over de tijd van de tekening van Slijper. Ik vermoed dat mijn vaders kennis van de natuur voor die tijd heel gemiddeld was. Wat hij wist vertelde hij mij en wees hij aan in het veld. Van hem moet ik over kemphanen gehoord hebben. Hoe wist ik anders nog vóór ik naar de lagere school ging dat die vogels op een ‘lek’ samenkomen om hun ‘toernooien’ te houden? Dat er ‘satelietmannetjes’ bestonden?

Ik kan mij niet herinneren ooit in de polder kemphanen hebben zien samenkomen. Bedriegt mijn herinnering mij?  Hoe werd die kennis dan overgedragen?

III

In de net verschenen monografie over de kemphaan zet Marc van Houten alle kennis over die wonderlijke vogel op een rij (Marc van Houten, De kemphaan. Atlas/Contact (vogelserie), Amsterdam 2026). Ik heb het uit. Prachtig boek.

Simultaan herlezen: Marc Argeloo, Natuuramnesie, Amsterdam 2022. Over wat we allemaal vergeten zijn. En hoe dat komt.

IV

Afgelopen donderdag hebben we geen kemphaan gezien. Die zijn wel degelijk in Nederland, kijk maar op waarneming.nl, alleen kennelijk toevallig even niet in het Waterland of op Marken. Of we keken gewoon verkeerd, ik heb ook al geen telescoopkijker. In elk geval broeden kemphanen niet meer in Nederland. Dat heeft oorzaken. Om die te begrijpen heb je tijd nodig. En geduld. Ik heb het nog niet eens over het wegnemen van die oorzaken.

V

Van natuur- en vogelfotografie verwachten we spectaculaire beelden. Deze bijvoorbeeld:

De maker van de foto kon ik niet achterhalen maar het zou me helemaal niks verbazen als-ie A.I. heet. Dit is een portret. Misschien gelijkt het goed maar veel zegt het niet over de vogel.

Het is niet moeilijk hier een tekst bij te verzinnen die over bijvoorbeeld de heer D.J. Trump gaat. Maar dan gaat het natuurlijk om die tekst en niet langer om de vogel.

VI

Ik verlang heus niet terug naar de tijd dat je het met een tekening moest doen om een idee te krijgen van hoe een vogel er uit ziet (1960). Of naar de tijd dat de kemphaan de meest voorkomende weidevogel was (1900).

Ik verlang naar een tijd dat de terugkomst van de vogels belangwekkender is dan de grillen van politici.

Plaats een reactie