
52° 06′ 03.42″ N, 5° 38′ 46.38″ O
Wij wandelden gisteren bij Ede. Ede ligt net wél of net níet in de Gelderse Vallei. Wij waren bij De Ginkel aan de noordoostkant, dus dat was aan de droge, aan de net-niet-kant. In elk geval, ten noorden van Ede is evenveel Nederland als ten zuiden ervan. En ten oosten ligt niet meer dan ten westen.
Er is daar een militair oefenterrein maar we zagen geen soldaten, geen Jongens en geen Meisjes die ons land zullen verdedigen als de Vijand komt. We dachten wel af en toe geschiet te horen, ver weg. De autoweg was nogal lawaaiig, die overstemde ook ruimschoots de vinkjes. Zelfs op ons balkon in Amsterdam-Noord is het stiller. Er waren veel wandelaars, wat niet gek was gezien het lenteweer. Zij hadden elkaar veel te zeggen. Ook kwamen wij veel paarden tegen.
Ede is een keurige plaats met keurige mensen, van wier gewoonten ik slechts deze wil noemen: Edenaren houden van kippen. Dat moet wel, want in de hele gemeente wonen net zoveel mensen als in Amsterdam-Noord (ongeveer 125.000) terwijl er meer dan drie-en-een-half miljoen kippen wonen. Met een evenredige verdeling zouden wij dan 28 kippen op het balkon moeten houden. Al onze buren zouden ook 28 kippen houden dus bij klachten was het meteen gelijkspel.
Nu doe ik voorkomen alsof dit een eenvoudige rekensom is maar dat is niet zo. Eergisteren bijvoorbeeld werden er bij een leghennenbedrijf tussen Ede en Veenendaal nog 23.000 kippen vergast omdat er Vogelgriep was geconstateerd. Hoe de stand vandaag is weet ik niet. En verder, in Amsterdam-Noord staat af en toe ook wel eens een woning leeg. Niet vaak, toegegeven, en ook niet lang, maar toch. Die getallen ga ik niet iedere dag wijzigen. Ik ben de voormalige minister van Landbouw niet. Die zou allang onnavolgbaar gejongleerd hebben met scheikundeboekachtige formules.
Er is trouwens een nieuwe minister. Die oogt pienter. Hij komt uit Twente, bijna Duitsland dus al. ‘Kiek’n wattet wordt’ zeggen ze daar als iemand met iets geheel nieuws begint en ze de poging niet op voorhand als kansloos willen afschieten. Wie hem kent, roemt ‘m om het hardst om zijn pienterheid, het zal dus wel niet alleen zijn brilletje zijn. Het nieuwe kabinet verwacht veel van ‘m, anders hadden ze hem niet het rottigste dossier gegeven.
Terwijl ik gisteren zo aan de kippendichtheidsratio liep te hoofdrekenen en de zaken alleen verder compliceerde door te denken aan de geitendichtheid, die in deze streek nog ongelimiteerd mag groeien (hoeveel geiten gaan er op het balkon?) gunde ik de kakelverse minister méér dan de pienterheid die hem op voorhand wordt toegeschreven. Véél meer. Naast de gigantische aantallen kippen en geiten gaat het tenslotte ook nog om runderen en varkens. Dat zijn er ook niet weinig hoor! Die zullen de minister nog meer hoofdbrekens geven. Op het balkon kunnen wij ze niet hebben.
Wij wisten wel dat Ede in het Hart van Nederland lag. We hoopten op een markering, een mooie steen of zo waar je dan omheen kon lopen en je dan pas op en top Nederlander voelen. Nu weet ik dat we dan bij Lunteren hadden moeten gaan wandelen. Maar daar heerst Vogelgriep.
Plaats een reactie