
Beeld: RVD, koninklijk servies ‘Blossom Panache’| foto: Maarten Schut
Wat heeft de ijsvogel op zijn bordje? Visjes natuurlijk, formaat stekelbaars. Ook wel insecten om de jongen te voeren maar toch voornamelijk visjes van gemiddeld 54 millimeter lang. Ongeveer één visje per uur. Dan is er een probleem als het flink vriest. In de aantallen ijsvogels kun je zo terugzien wanneer de slootjes langer dan een dag of drie, vier toegevroren waren. SOVON houdt dat bij. In 2018 haalden veel ijsvogels de lente niet. Eén van de verklaringen voor die wonderlijke foto van die ijsvogel die in volle vlucht in het ijs bij Oostzaan lijkt te zijn vastgevroren, is dat hij door de honger al uitgeput was. Hij kon gewoon niet meer bovenkomen. In strenge winters overleeft soms hooguit slechts 10 %.
En nu het bordje met daarop een ijsvogel, hoe komt die daar terecht? Ik stel mij zo voor dat de huidige koning van dit koninkrijk tijdens een staatsbanket tegen zijn tafelgenoten opmerkt dat we weliswaar in moeilijke tijden leven maar dat de grondlegger van het Koninkrijk der Nederlanden, die ook gekend wordt als de Vader des Vaderlands, Willem van Oranje dus (1533-1584), naar wie hij ook vernoemd is, het ook niet makkelijk had. En dat – ie dan wijst naar het ijsvogeltje op z’n bordje. ‘Je niet gek laten maken, hè? En altijd weer boven komen. ‘Saevis tranquillus in undis’, zei die altijd, nou dan weet je het wel.’ Nou, dan weten zijn disgenoten het wel.
Het ‘Oranje – Blanje – Bleu’ kan nog wel uitgelegd, zelfs op een Delft Blauw servies. ‘Kijk, deze heeft zijn visje al op en zit nu op de oranjebloesems uit te puffen. Zo heet ik hè? Van Oranje. Tel dat nou -es op bij het blauw en het wit . . . en daar hebben we de prinsenvlag!’ Hoe het komt dat dat oranje dan in 1653 of daaromtrent weer moest wijken voor rood is een moeilijker verhaal, waarvan ik niet helemaal zeker ben of de koning zich daar uit weet te redden.
Dat ijsvogeltje kwettert natuurlijk geen Latijn, de disgenoten vermoedelijk ook niet zo goed, dus dat behoeft vertaling: Rustig temidden van woelige baren (golven). De koning wist het zeker want toen hij de hermelijnen mantel van zijn moeder overnam had hij het opgezocht. ‘Mijn moeder,’ zei die toen hij het koningschap aanvaardde ‘bleef altijd zo rustig, net een ijsvogel.’ En toen die spreuk.
‘Hè?! merken de gasten op, een ijsvogel op zee? En net zat -ie nog tussen de sinaasappels?!’ Heeft de koning op school ook Grieks gehad? Of kent hij op z’n minst de mythe van Alcyone, de dochter van de god der winden Aeolus? Nou ja, ze hebben daar aan tafel genoeg om over te praten.
In de 16e eeuw kwam het er niet zo op aan. Hadden de oude Grieken beweerd dat een ijsvogel het nest op zee maakt? Dan was dat zo. Willem van Oranje moet dat ook gedacht hebben en het kwam goed uit dat de kleurstelling van het vogeltje net overeenkwam met de vlag die hij in z’n kop had om de legertjes aan te voeren waarmee hij de Spaanse troepen de stuipen op het lijf wilde jagen. Wat in de kop zat, zat niet in de kont. In Den Briel lukte dat, Filips de Tweede sidderde. En hij maar rustig blijven.
Pas in de 17e eeuw ontstaat er iets van wat je een zuiver ornithologische belangstelling kunt noemen. Maar de wetenschappelijke naam die Linnaeus in 1758 voor de ijsvogel bedenkt, Alcedo Atthis, berust nog op de mythe. Veel uitleg van de geschiedenis trouwens ook. Dat een ijsvogel ongeveer één visje per uur verschalkt weten we nog maar sinds heel kort. (Geelen/Van Loenen , De IJsvogel (2025), De menukaart, p. 137 e.v.). Waarom sommige lieden de prinsenvlag weer hijsen, of meevoeren tijdens hun bezigheden, weten we dan weer niet.
Plaats een reactie