
Helemaal aan het begin van mijn studententijd in Groningen kwam ik Jan Roos wel eens tegen. Hij was toen al erg oud en zijn stem deed het niet meer zo goed, al kon hij er wel allemachtig mooi mee schelden.
Op een bankje aan het begin van de Herestraat zong hij liederen, ook wel geestelijke gezangen want Jan was gelovig. Maar vaak was het iets uit een opera want daar hield Jan erg van. Verdi was soms nog wel te herkennen, Het Slavenkoor! Maar ’t kan ook operette geweest zijn, als het maar vibreerde. Dat trillen met zijn stem hield hij lang vol. In 1979 was hij uitgetrild, ik had toen net mijn kandidaats, 23 was ik toen. Hij was zestig jaar ouder, reken ik nu uit.
Zelfs mijn grootvader kan hem nog gekend hebben, bedenk ik. Die was van 1884, ze scheelden dus maar 12 jaar. Jan trok eind jaren twintig als straatzanger door alle dorpen van de Fries- Groningse streken, precies waar mijn opa toen bij de boer’n werkte. Jan baarde ook toen al erg veel opzien. Nog maar weinig mensen hadden toen radio.
Met zijn stok tikte hij de maat. Voor dat doel had hij het rubbertje verwijderd. Ook hield hij er mensen mee op afstand die zijn zangkunst in twijfel durfden te trekken. Jan zelf twijfelde niet: hij was Kunstenaar. Hij was Groot Zanger en Hij Diende Een Hoger Doel. Daarom vond hij het passend met ‘Excellentie’ aangesproken te worden. Zijn indrukwekkende versierselen zeiden verder genoeg. Alleen in landen waar gewone burgers gezien worden als gevangenen met tijdelijk verlof kan het aantal medailles nóg indrukwekkender zijn.
Soms wilde iemand hem ongevraagd iets opspelden. Als het hem beviel mocht het, zelfs als het het loodje van een rookworst betrof. De Hema zat vlakbij. Maar als de bedoelingen of het gezicht van de Versierings Opspelder hem niet zinden was er de stok. Het was vaak stok. En verder was er vibrato. Véél vibrato. De hele Herestraat vibreerde.
Dat Jan overleden zou zijn was eerst een gerucht. ‘He, heb jij Jan gezien? Nee, Jan is er niet hè?’ Na een jaar of zo hield ook dat op. Ja, er is nog wel eens een comité opgericht om de herinnering aan Jan Roos met een standbeeld in leven te houden. Maar dat werd ook niks.
Zijn lievelingskettingen hield hij op ook toen hij al in het ziekenhuis lag. Hij werd behangen met zijn sieraden begraven in Ureterp, waar hij in de vóórvorige eeuw geboren was. Van die begrafenis weet ik niks, daar was ik niet bij. Bijna niemand was daarbij, alleen iemand van het Leger des Heils. Dit laatste weet ik alleen omdat het op Wikipedia staat. Dat Wikipedia zoiets gewoon weet! Verder heeft Jan er voor mij een halve eeuw het zwijgen toe gedaan. En zijn graf? Dêr waait de wyn foar ivich oer.
Vreemd eigenlijk dat deze herinneringen opeens in volle klank en kleur zomaar boven komen drijven. Ik houd helemaal niet van vibrato.

Sic transit gloria mundi
Plaats een reactie