
Amitav Ghosh bij het uitspreken van zijn dankwoord voor het ontvangen van de Praemium Erasmianum in de Burgerzaal van het Paleis op de Dam, 26 november 2024
Als de koning ergens bij geroepen wordt moet het wel belangrijk zijn. Hij opende gisteren officieel het Suriname Museum. Dat moet dus wel een belangrijk museum zijn. Wat is er mis met het woordje ‘dus’?
Vandaag precies een jaar geleden knoopte hij in de Burgerzaal van het Paleis op de Dam de Indiase schrijver Amitav Ghosh versierselen om. Die hoorden bij de Erasmusprijs die Ghosh had gewonnen. Dat is dus een belangrijke prijs. De redenen waarom Ghosh die prijs kreeg doen er dus voor iedereen toe. O ja? ‘Dus’?
Ghosh zei het allemaal wat netter toen hij de koning (en dus ook ons!) bedankte maar ’t kwam hier op neer. ‘Vanaf het moment dat jullie die Jan Pieterszoon Coen uit Hoorn van jullie op de Banda-eilanden z’n gang lieten gaan ging het mis met de wereld: de mensen die daar toen woonden werden gegenocideerd, die eilanden geplunderd, de nootmuskaat, alle andere vruchten, de ganse archipel leeggeroofd, het gaat om honderden en honderden miljarden, en van kwaad tot erger zitten we nu met de peertjes die vanwege de klimaatverandering niet eens meer op een vuurtje gebakken hoeven te worden.’
Ghosh had ook nog kunnen zeggen dat hij die prijs nu kreeg in het gebouw dat met de winsten van dat soort maffiose en uiterst lucratieve praktijken bekostigd was geworden, en ook nog eens uit handen die de verre geur van bloed hadden. Dat dat toch wel raar was.
En de koning had ’t kunnen weten, de burgemeester en alle feestelijk geklede genodigden hadden ’t kunnen weten, iedereen had ’t kunnen weten want het stond allemaal al in The Nutmeg’s Curse; Parables for a Planet in crisis (2021). Daarvoor had Ghosh nou net die prijs gekregen. Dus.
Met logica kom je er niet uit. Je moet op een andere manier denken om de hele ceremonie toch als betekenisvol te kunnen waarderen. Deze wereld is zo’n verdrietig oord omdat mensen elkaar steeds in de haren vliegen over dat woordje ‘dus’.
Ik houd de koning voor een verstandig mens die de boekhandel wel weet te vinden. En anders heeft hij misschien dat boekje van zijn tante Ireen te leen gekregen, en gelezen, en ermee ingestemd. Verduveld Ghosh, zo zit dat dus! En daarna zou hij zijn kabinet op Noordeinde ontbieden voor een hartig woordje bij de thee. ‘En nu houden jullie op te ouwehoeren en te peertjes bakken! Er moet een planeet gered worden. Jullie krijgen nu allemaal een muskaatnoot mee, maandag vertel je me maar wat jouw departement daarmee gaat doen.’
Ghosh houdt ons die muskaatnoot voor en vertelt over de achterkant. Die kun je niet kunt zien maar die is er toch. Allicht heeft ieder gelijk een achterkant. Dat is een ingewikkeld verhaal waar het woordje ‘dus’ soms opgaat, soms ook niet. Iedereen kent Coens uitspraak Geen handel zonder oorlog, geen oorlog zonder handel. Vanuit dat meedogenloze inzicht ontstaat de ellende. Het vergt een mentale kwantumsprong om in te zien dat fossiele energiebronnen op precies dezelfde manier hun rol in de handel spelen als de nootmuskaat in de 17e eeuw. En nog meer denkkracht om te begrijpen waarom er op dit moment veel Amerikaans spierbalvertoon voor de kusten van Venezuela en Suriname te zien valt. Ze hebben zelf toch olie zat? Middel wordt doel, daarin zit een deel van de geestesbeneveling. Misschien is die olie wel hallucinant, net als de nootmuskaat.
Plaats een reactie