
Foto: votiefbeeld (3e eeuw v. Chr.), 57,5 cm, Velathri / Volterra
Toen we Volterra verlieten ging de zon onder boven de Toscaanse heuvels. Die lagen op vreemde wijs in de vlakte, als een kleurig patchwork. De zee kon je net niet zien: gele en oranje tinten vervloeiden naar de heiige einder.
De oude Etruskische stad Velathri intrigeert om veel redenen. Waarom die Velathri heette bijvoorbeeld en wat dat dan betekende. Het Etruskisch is géén Indo-Europese taal, maar daarmee houdt onze kennis zo ongeveer op; de Romeinen noemden de hooggelegen plek Volterra. Wat de plaats van de Etrusken in de geschiedenis is, blijft nog in veel opzichten onopgehelderd. De Grieken en de Romeinen hebben vermoedelijk veel meer van de Etrusken overgenomen dan andersom. En veel meer dan ze hebben willen toegeven. De geschiedenis is onvoorspelbaar.
Het Etruskisch Museum Guarnacci is een schatkamer van die cultuur van zo’n tweeëneenhalf duizend jaar geleden. Het museum staat afgeladen vol met vondsten uit de omgeving. Maar de meeste indruk maakte het votiefbeeldje, dat met z’n iets meer dan een halve meter in z’n eentje een hele zaal mocht vullen. En dún dat dat beeldje is, amper een centimeter, van welke kant je het ook bekijkt. En naakt. Bloter zag ik nooit een votiefbeeld. Zijn pik is prominent, de achterzijde toont de bevalligste billen boven benen als die van antilopen. Zoals antilopen de zwaartekracht uitdagen.
De overlevering wil dat de veelgeprezen dichter en schrijver Gabrielle D’Annunzio (1863-1938) dit beeldje de naam Ombra della serra (schaduw van de avond) gaf. Maar over D’Annunzio wordt wel meer beweerd en dat is lang niet allemaal even fraai. Wat beslist klopt, is dat de schaduwen langer worden als de zon laag staat. Dit konden we zelf weer vaststellen toen we Volterra in oostelijke richting verlieten. Maar een verklaring voor het wonder van dat beeldje gaf dat niet. Een offer? Aan wie of wat dan? Een belofte? Wat voor belofte dan en aan wie beloofd? Wás het wel een votiefbeeld? Hoe dachten de Etrusken daar zelf over? Er is ook een vrouwelijk pendant, even naakt. Er zijn meer van dergelijke beeldjes gevonden maar wat ze betekenden weten we niet, al beweren we van wel.
Er wordt ook wel gezegd dat de beeldhouwer Alberto Giacometti (1901-1966) zijn lange, dungerekte mensenbeelden eind jaren veertig nooit had kunnen maken als hij de Ombra della serra niet had gezien.

Alberto Giacometti, Lopende man, 1960
Dat kan wel zijn, maar wat zag hij dan ? Wie zag hij als hij zichzelf zag?
Begin jaren vijftig maakte hij een hond. Een heel erg dunne hond. Met díe hond identificeerde hij zich sterk, vertrouwde hij Samuel Beckett toe met wie hij in die jaren nachtelijk Parijs doorzwierf. Die hond draagt het gewicht van het hele universum op zijn schouders, op zijn veel te dunne poten.

Alberto Giacometti, Chien (1951/1957)
Bij de beelden van Giacometti kun je je nog wel iets voorstellen, temeer omdat hij er zich wel eens over uit heeft gelaten. Bij Ombra della serra kan dat niet. Het weinige dat de Etrusken op schrift hebben gesteld gaat niet dáár over.
Oostelijk rijdend gingen we de maan tegemoet. Die stond vol en rond pal tegenover de ondergaande zon. De hele hemel kleurde pastel. Voor ons strekte onze schaduw zich uit die de zon wierp. Achter ons de schaduw die de maan van ons maakte. Alles was zeer vreemd.
Plaats een reactie