
Beeld: geweerkogel; herkomst onbekend
Zo gaat dat nou altijd: ben ik net lekker op gang eens tot de bodem uit te zoeken welke betekenis muziek in mijn leven heeft – ja, om tot een tabula rasa te komen moet er een hoop onzin van het leitje afgeschraapt worden, van eerbiedwaardige muziekgeschiedenis, van hoogdravende filosofie, van zwevend gestemde spiritualiteiten (aan de theologie ervan waag ik mij niet want dan kan ik net zo goed voorspellingen gaan doen over de juiste combinatie van getal en cijfers in de postcodeloterij, en ik win nooit iets) en ja, ik geraakte reeds in het mystieke voorstadium het verband te kunnen doorgronden tussen de muziek der sferen en haar aardse equivalenten, nu ja, in elk geval doorschouwde ik de muziek als een brug tussen ethiek en esthetiek – komt me daar opeens een kogel uit het schijnbare niets langs mijn oren gefloten. Het was een geweerkogel. Uit een jachtgeweer. Op de huls stond de tekst: Bella ciao. Vaarwel schoonheid.
Hoe ter wereld, zo dachten mijn gedachten verschrikt, had in het verre Amerika anno 2025 een jonge man juist aan dát Partizanenliedje gedacht en regels daaruit als muzikale boodschap meegegeven aan de kogel waarmee hij voornemens was een andere jongeman naar de eeuwige jachtvelden heen te zenden. Toch weer de politiek, viel mij mismoedigd in. Als je hedentendage iemand tegenkomt met toevallig andere opvattingen dan noem je hem een fascist. Moet ik het straks ook nog over het Eurosongfestival hebben. Terwijl ik het alleen maar over muziek wilde hebben. En over de verrukking en de vertroosting die zij mij pleegt te bieden in dit vaak wonderlelijke leven. Vaarwel schoonheid.
Er zal nu wel weer een andere jongeman, of jongedame, in een tochtig zolderkamertje bezig zijn de letters Onward Christian Soldiers! op een geweerkogel te krassen, dacht ik grimmig. Maar mijn begrip van deze wereld is niet zo groot dat deze cynische inval ook maar enige voorspellende waarde heeft. ’t Is de lotto niet.
Ik hou d’r over op. Muziek met een boodschap is niks gedaan. Ik verlang naar het ruisen van de populieren. Het geritsel en gemurmel van de blaadjes, de verhaaltjes van de wind. Ik verlang naar de schoonheid die er al was. En naar de schoonheid die er al is ook zonder dat iemand daar iets over zegt.
Plaats een reactie