
Het lukte gisteravond maar met moeite de hele uitzending van Zomergasten van afgelopen zondag uit te kijken. Dat lag niet aan Uğur Ümit Üngör die met filmfragmenten probeerde te laten zien wat hij te weten was gekomen over genocide. De mechanismen ervan zijn gewoon te gruwelijk, de beelden waren te indringend. Doordat hij zijn kennis niet vanaf een academisch katheder met ons deelde maar in een korte broek, voeten in een zandbak, kwam het alleen maar dichterbij. Werd het onontkoombaarder. Zo zijn wij. Of zo laten wij het gebeuren.
Gaza. Natuurlijk Gaza, daarvan wil iedereen weten of je dat genocide mag noemen. Maar ook al die andere genocides waar we weet van hebben. En ja, die industriële uitroeiing van de joden, de Holocaust, is het absolute dieptepunt. Dieper in de helleput lijkt de mensheid niet te kunnen zinken. Of je wat Israël nu de Palestijnen aandoet ‘genocide’ noemt is niet het punt. Zie de uitzending waarom de hoogleraar dat vindt.
Üngör besloot de avond met een fragment uit de documentaire Love in the face of Genocide (Evîn Di Rûyê Qirkirinê De, Sêro Hindê (2020); de muziek van Mehmûd Berazi is ook op Spotify te vinden). Wie weet nog van de Jezidi’s? Ja, in 2014/2015 kregen zij even mondiale aandacht, toen IS de regio Sinjar in Irak bezetten en de Jezidi’s begonnen uit te moorden. De aandacht verschoof al rap naar IS. En hoe die heldhaftig te verslaan. Maar de Jezidi’s zelf? Of hun lot?
Üngör liet dit laatste fragment zien als een voorbeeld wat er ná volkerenmoord kan gebeuren. ‘Verwerking’ is een te belachelijke term. ‘Vertroosting’ ook. Jezidi’s realiseren zich maar al te goed hoe geschiedschrijvers met hun ‘geval’ omgaan. Het is immers in hun geschiedenis al de 74e keer dat geprobeerd is hen uit te roeien. Daarvoor is geen aandacht meer. Hun herinnering aan de gruwelen houden zij levend door de verhalen te laten zingen. In die liederen wordt bezongen wat er met hun geliefden is gebeurd. Eén zo’n weeklacht wordt getoond. En dat gaat door merg en been.
Hoe Üngör het klaar speelt zich zó in dit zwartste onderwerp te verdiepen, er blijvend aandacht voor te vragen en er over te publiceren, mag een wonder van medemenselijkheid heten. Het laat hem ook niet onaangedaan blijkt uit zijn ogen, het trillen van zijn handen. ‘Wat wil hij de kijker nog meegeven?’ Maar daar ging het toch de hele avond al over?
“Bekommer je om het leed dat anderen wordt aangedaan,” zegt hij dan, “en niet alleen om je eigen leed.”
Plaats een reactie