Nut en zin


In weinig keukens zal de muskaatnoot ontbreken. De alomtegenwoordige beschikbaarheid maakt dat je makkelijk het bijzondere van die noot over het hoofd ziet. Over de culinaire toepassingsmogelijkheden laat Ghosh zich in The Curse of the Nutmeg niet uit. Dan kun je beter de Allerhande raadplegen. Maar, leg zo’n noot op je hand. Voel het gewicht op je handpalm. Ruik eraan. Volg het geribbelde oppervlak. Realiseer je dat je die noot maar van één kant tegelijk kunt zien. Ghosh gaat het om die achterkant. Hoe komt dit specerij hier? Wat is het verhaal van die noot?

Dat kun je letterlijk nemen maar dan moet je de hele handelsketen van de producent naar het schap in de Albert Hein volgen. Follow the Money levert ongetwijfeld verrassende inzichten op. Kijk maar naar de huidige prijsontwikkeling van koffie en vooral de oorzaken daarvan. Die weg onderzoekt Ghosh niet.

Met de achterkant van de noot onderzoekt hij evenmin de gekende hallucinogene werking van nootmuskaat. Dat zou ook maar het pseudo-spirituele gezwatel opleveren dat je wel hoort uit de kringen waar men de noot roemt om de veronderstelde geestverruimende werking.

Ghosh doet zijdelings uit de doeken hoe hij aan The Curse of the Nutmeg begon te schrijven. Dat was in 2020. Het coronavirus legde toen de bedrijvigheid van de wereld even plat, men vroeg zich verbijsterd af hoe dit kon, de sterftecijfers waren duizelingwekkend hoog en hij zat vast in Brooklyn, zijn woonplaats. Daar legde hij zo’n noot op zijn handpalm en vroeg zich af welk verhaal die hem had te vertellen. Ergens tijdens het schrijfproces moet hem ingevallen zijn dat de vorm van de muskaatnoot gelijkenis vertoont met die van de aarde. Maar meer en verder dan een oppervlakkige overeenkomst. De manier waarop je naar de noot in je hand kunt kijken, als een ding met massa met interessante gebruiksmogelijkheden weerspiegelt de manier waarop we vaak naar de aarde als geheel kijken. Als een inert object, willoos en zonder mogelijkheid zelf te handelen. Eindeloos te exploiteren. Als een ding. Je hebt het dan over het nut – dat is de kant van de noot die je kunt zien en vaak hebben we het alleen dáárover. De achterkant van de noot gaat over zin. En daarover gaat deze parabel voor een planeet in crisis in het bijzonder.

Vermoedelijk was Ghosh zich al wel bewust van de herkomst van de naam Brooklyn, Breukelen. Het is immers ook algemeen bekend dat New York gesticht is als Nieuw Amsterdam. Manhattan werd in 1624 ‘gekocht’ voor de prijs van 60 gulden van de Lenape-bevolking, een nomadische indianenstam. Later in die eeuw, naar verluidt, weer geruild tegen Suriname. Sommige mensen hebben daar nog pijn van: ‘Als we toen niet zo stom waren geweest, was het Nederlands nu voertaal van de wereld geweest, en niet dat Engels.’ Maar ja, zo ging de geschiedenis niet en die boeit Ghosh ook helemaal niet. Hem interesseert de vraag hoe het komt dat juist in die 17e eeuw expansieve naties in de beide Amerika ’s maar ook in Afrika plaatsen een naam geven met ‘Nieuw’. Coen deed dat ook. Hij wilde het belangrijkste hoofdkwartier van VOC Nieu-Hoorn noemen, naar zijn geboorteplaats. Waarom het in 1619 Batavia kwam te heten, naar de volstrekt verzonnen voorvaderen der Nederlanders, de Bataven, is een andere kwestie.

Als je eenmaal op zo’n gedachtespoor bent gezet is het niet moeilijk om parallellen met huidige tijd te trekken. Op 11 februari van dit jaar tekende Trump een decreet dat de Golf van Mexico vanaf dat moment de Golf van Amerika moest heten. Dat is een imperialistische daad die voortkomt uit dezelfde kolonistenmentaliteit die al rond 1600 deze planeet geselt. De berg Denali moet met ‘Mount McKinley’ worden aangeduid. ‘Mount Trump’ was transparanter geweest. Wat de oorspronkelijke bewoners daarvan vinden hoeft niet uitgelegd. Die waren overigens al ten tijde van McKinley volstrekt gemarginaliseerd. Als ze al niet waren uitgemoord.

Trump ’s Drill, drill, drill! en vooral zijn begerige op Groenland gerichte ogen zijn een regelrechte echo van Coen ’s nietsontziendheid voor de VOC het monopolie van de nootmuskaat in handen te krijgen en de alleenheerschappij over de hele Indonesische archipel:  ‘Ende dispereert niet (…), daer can in Indiën wat groots verricht worden’.

Plaats een reactie